Sinds enkele jaren heeft het ErvaringsGericht werken een plek gekregen in de begeleiding van baby’s, peuters en kleuters. In gastouderbureaus, kindercentra, peuterspeelzalen maar ook in het basisonderwijs en het nascholingsaanbod van begeleidingsdiensten. ErvaringsGericht werken is het werken vanuit het totaal van mogelijkheden van kinderen.
Een goed voorbereide ruimte, waarin kinderen zich kunnen ontwikkelen tot competente kinderen. Ruimte voor initiatief van kinderen. En het in gesprek gaan met kinderen, ouders en met elkaar om te kijken wat nodig, fijn en haalbaar is.
Anti lekken of lekker lerenVoor wie is de antilekbeker ontworpen? Voor kinderen of voor ouders? Voor ouders natuurlijk. Dan kunnen de kinderen zichzelf redden, terwijl de ouders ‘iets anders kunnen doen’. Op internet worden antilekbekers aangeboden. Te lezen staat: “Het kind kan nu op een goede manier leren drinken zonder het huis vies te maken. Deze handige antilekbeker lekt niet bij schudden of vallen. Door de ergonomisch gevormde handvatten kan een kind de beker gemakkelijk vastpakken en zo zelf leren drinken!”
In kindercentrum de Buitenkans in Heerenveen eten kinderen, vanaf het moment dat ze kunnen zitten, samen hun maaltijd. Ze proeven, selecteren, communiceren. Kinderen blijken al op zeer jonge leeftijd in staat om zelfstandig én samen te eten. De begeleiders zitten vlakbij, aan hun eigen grote tafel. Daardoor communiceren de kinderen niet via de begeleiders, maar met elkaar. Ze vragen elkaar om hulp voor een pot die niet open wil. Snijden elkaars boterham, als ze dat zelf niet kunnen.Ze halen hun eigen bord, brengen het na afloop zelf weg en maken het zelf schoon. Het gaat eigenlijk pas mis als de omgeving niet goed is voorbereid. De begeleiding kijkt goed naar wat kinderen nodig hebben. Voor kleine kinderen wordt de boter vooraf in kleine blokjes op een schaaltje gelegd. Na afloop van de maaltijd maken de begeleiders de ruimte schoon. Maar al heel snel doen de kinderen dat zelf.Hulp bij koken, tafels dekken, lekker eten, afwassen en opruimen wordt niet geleerd door kinderen die aanschuiven aan gedekte tafels. Snijden, mixen, niet te grote, niet te kleine happen en niet knoeien wordt niet geleerd door kinderen die met een ergonomische beker voor de televisie liggen.
Waar sommige peuterspeelzalen en kinderopvang al uitgaan van vooraf vastgestelde programma’s en testen, richt het E.G.O. zich op het proces dat zich afspeelt in kinderen, in de groep. Gelukkige, zich goed ontwikkelende kinderen merken tijdens de activiteit zelf al dat ze met zinvolle dingen bezig zijn. Wat je met betrokkenheid leert, vergeet je niet meer. Dat zijn fundamentele ervaringen. We kunnen alles aanpassen aan kinderen. Maar als we willen dat zij zich aan kunnen passen aan de wereld, dan moeten hun lijf en al hun zintuigen de weerstanden en uitdagingen van de werkelijkheid kunnen ervaren. Veilig, maar zo vroeg als kan. “Niet knoeien leer je door te knoeien.”
Vriendjes en elkaar helpen
Door met een andere bril naar de ontwikkeling en mogelijkheden van kinderen te kijken, reageren begeleiders anders op situaties die zich gedurende de hele dag voordoen. De neiging om kinderen te vertellen wat ze best zelf kunnen is groot. Toch kiezen de begeleiders hier niet voor. Zij laten kinderen ervaren wat ze wel en wat ze niet kunnen. Ze blijven dichtbij, maar laten kinderen wel zelf ontdekken tot wat ze in staat zijn, als ze elkaar helpen. In alle rust komt een groep peuters naar binnen gedruppeld. Ze komen terug van hun dagelijkse wandeling in de omgeving van het kindercentrum. De begeleidster gaat zitten en laat kinderen hun jassen, laarzen, mutsen en wanten uittrekken. De sfeer is gemoedelijk, er wordt gesjord en getrokken aan ritsen en mouwen. En waar het niet lukt, vragen kinderen hulp aan elkaar. De omgeving is ook hier weer goed voorbereid: Een laarzenrek om je lastige laarzen uit te trekken, kapstokken, laarzenrekken en eigen kastjes voor wanten en mutsen. Ieder moment wordt benut als een leermoment. Bedenk eens wat dit betekent voor de motorische ontwikkeling van kinderen, hun sociale vaardigheden, taalontwikkeling enzovoorts. Daar kan geen programma tegenop!
| Prof. F. Laevers, CEGO Leuven: “Binnen een ErvaringsGerichte aanpak is respect voor het kind en zijn rechten een sterk motief geweest tot innovatie: de erkenning van het rijke innerlijke leven van kinderen, het verlenen van het recht om mee te bepalen in welke activiteiten ze engageren, de afbouw van moraliserende tussenkomsten en het bepleiten van een ‘natuurlijke’ en niet infantiliserende omgangsstijl zijn daar aanwijzingen voor.” |
Ruimte voor de diversiteitOok bij het ErvaringsGericht werken met jonge kinderen is spel erg belangrijk voor de ontwikkeling. In tegenstelling tot de gestructureerde aanpak op veel kinderdagverblijven en peuterspeelzalen ligt het vertrekpunt bij het ErvaringsGericht werken bij wat kinderen zelf aan spel ontwikkelen en aanreiken. De begeleidsters stellen zich voortdurend de vraag hoe ze daarop kunnen inspelen en hoe ze het spel kunnen verrijken en verbreden. Het vrije spel krijgt voorrang. Tegelijkertijd zien we actieve begeleidsters die voortdurend impulsen geven, niet met de bedoeling kinderen daar afhankelijk van te maken, maar wel om hen nieuwe spelideeën aan te reiken. Die actief stimulerende begeleidingsstijl biedt, in combinatie met een rijk en gevarieerd aanbod, belangrijke kansen voor een hoog welbevinden en een grote betrokkenheid bij de kinderen.
Bij kinderopvang Hestia in Amsterdam werd geconstateerd dat er veel behoefte was aan beweging. Kinderen grepen alle mogelijkheden aan om te klimmen, te rollen en te rennen. Om de creativiteit van de begeleiders en de spelmogelijkheden voor kinderen te stimuleren is een periode lang een gymdocent uitgenodigd, die telkens weer een nieuw aanbod voor de kinderen neerzette in de ruime speelhal. Niet alleen het spel van de kinderen kreeg hierdoor een enorme impuls en volop nieuwe uitdagingen, ook de begeleiding leerde nieuwe kansen te zien. De gymlessen zijn alweer een hele poos geleden, maar nog steeds worden nieuwe projecten bedacht met kinderen.
Observeren is belangrijk: goed kijken en luisteren naar kinderen. Elke uiting is een taal die “gehoord” kan worden: een beweging, een geluid, het werken met klei of verf, het zijn allemaal talen. Door zo naar de kinderen te luisteren en te kijken, kunnen begeleiders hen beter begrijpen. En daardoor kunnen zij zich beter inleven in en aansluiten bij de belevingswereld van kinderen. Goede documentatie helpt begeleiders bij het kijken naar de kinderen en het interpreteren van hun talen. Anderzijds zorgen de begeleiders ervoor dat kinderen impressies opdoen , die ze middels allerlei expressies mogen uiten. Creatieve ateliers vervullen hierin een belangrijke functie. Hierin vinden de kinderen heel veel verschillende materialen. In het werken met muziek bijvoorbeeld wordt geprobeerd zoveel mogelijk verschillende soorten muziek te verzamelen, wetende dat er dan voor elk kind iets bij zit wat bij hem of haar past.
Open en respectvol communicerenDe communicatie is gericht op inleven. Begeleiders richten zich op de ervaringsstroom van de kinderen, op ‘wat er zich in de ander afspeelt’. Naast inleving zijn aanvaarding en echtheid van belang. De kinderen moeten authentieke begeleiders ontmoeten die het kind aanvaarden zoals het is. Daarmee is niet elk gedrag geoorloofd. Begeleiders die open, respectvol en inlevend communiceren met kinderen, kunnen elkaar vertellen wat ze waarnemen. Vanuit die observatiegegevens worden begeleiders steeds beter in staat om de eigenheid van de kinderen te verstaan. Van daaruit krijgen nieuwe interventies succesvolle kansen.
Erik komt bijna dagelijks bij de kinderopvang. Hij is heel ondernemend en luistert niet of nauwelijks naar instructies of terechtwijzingen van de begeleiders. Dan weer zit hij op een kast, op of onder een tafel, trekt laatjes open, gooit kisten met speelgoed om, om er vervolgens doorheen te banjeren. De begeleiders hebben al van alles geprobeerd: Straffen, negeren, goed gedrag belonen, niets lijkt te helpen. Op de wekelijkse bespreking wordt het storende gedrag van Erik besproken. Door te kijken naar welbevinden en betrokkenheid en de gebeurtenissen te reconstrueren komen de begeleiders tot een heel nieuw inzicht. Erik vindt het heerlijk voorgelezen te worden, dicht bij de begeleiders. In de ruimte waar Erik speelt, ligt voornamelijk fijnmotorisch materiaal, terwijl Erik juist behoefte heeft aan veel beweging, aan klimmen, rennen en groot bouwen. Erik lijkt het lastig te vinden in contact te komen met andere kinderen en komt vaak vrij bruut hun spel binnengedrongen.Vanuit de reconstructie worden drie interventies gekozen:
- Een aantal keren per dag gaat een begeleider in alle rust met Erik een boekje kijken zodat Erik tot rust komt en van daaruit weer verder kan.
- In de ruimtes van de kinderopvang wordt gekeken naar uitbreiding van activiteiten/aanbod voor de grove motoriek: Er wordt een bouwhoek met grote bouwmaterialen op de gang gecreëerd. Een klimrek van de aangrenzende kleuterschool wordt in de hal geplaatst.
- Erik gaat regelmatig gekoppeld worden aan jongere kinderen die hij mag leren bouwen, klimmen en rollen.
De interventies blijken zeer succesvol. Erik komt regelmatig tot rust in de leeshoek, kan zich uiten in de hoeken op de gang en blijkt zich zeer verantwoordelijk te gedragen richting de jongere kinderen die hij onder zijn hoede krijgt.
Een goed voorbereide omgevingGastouderopvang, kinderdagverblijven en speelzalen die ErvaringsGericht werken kenmerken zich door de sfeervolle, huiselijke inrichting. Prettige ruimtes met vele overzichtelijke uitdagingen. In een aantal verblijven is de keuze gemaakt voor een aparte baby afdeling, voor 0 tot 1 jarigen. Deze kinderen hebben een specifieke verzorging en aandacht nodig. Hun ruimte is veilig, vertrouwd en afgebakend. De inrichting wordt vanuit het gezichtpunt van kinderen bekeken. Door bewust het standpunt van kinderen in te nemen, kom je tot een andere inrichting. Een spel-, slaap- en eetruimte is nooit af. Kinderen ontwikkelen zich en alleen door observatie en voortdurende bijsturing kan optimaal ingespeeld worden op wat er in de groep leeft.
Lekker kliederen
Het is koud, het buitenterrein staat vol plassen. Dikke skipakken en snowboots beschermen tegen kou en nattigheid. Het buitenspeelterrein ziet er uitdagend uit: Een ingegraven boot, een huisje, een rioleringsbuis waar je door kunt kruipen, een bankje, glijbaan, alles overzichtelijk bij elkaar. Drie peuters stampen in een diepe plas, roeren met hun wanten in het modderwater. Dan komt een vierde peuter aan. Uit het huisje heeft hij een afwasborstel gehaald, dat roert lekker. De stampende, spetterende peuters onderbreken hun spel even en gaan ook op zoek. De een komt terug met een grote opscheplepel, de ander met een garde, de derde met een schep. Terug in de plas. Dikke pret! De betrokkenheid is hoog, het spel ondernemend. Als de groep na een uur buitenspelen moe maar voldaan naar binnen gaat, worden de skipakken opgehangen in het speciaal daarvoor bestemde drooghok. De laarzen worden op houten stokken geschoven. De wanten gaan in de wasmachine en de kinderen kruipen bij elkaar in een kring om liedjes te gaan zingen.Een goed voorbereide omgeving is nadenken over waar en hoe kinderen prettig en goed kunnen spelen, en vooral met elkaar kijken hoe je dit kunt (wilt) realiseren.
Tot slot
Op 16 april organiseert het expertisecentrum E.G.O. Nederland in samenwerking met kindercentrum de Buitenkans in Heerenveen een conferentie over ErvaringsGericht werken met jonge kinderen in Hogeschool Domstad in Utrecht. Op dit congres zal Nevelle Harper, hoofd van voorschool Stella Nova, Stockholm Zweden op beeldende wijze vertellen over zijn visie en aanpak in een multiculturele omgeving. Marcel van Herpen verzorgt een prikkelende, uitdagende inleiding en de middagsessies kunt u kennismaken met alle praktische aspecten van het ErvaringsGericht werken met jonge kinderen. Wij nodigen u van harte uit!
Meer informatie en aanmelding: www.ervaringsgerichtonderwijs.nl
Wilma van Esch
Werkzaam bij het Expertisecentrum E.G.O. Nederland, Domeinexpert Jonge Kind en hoofdredacteur van het tijdschrift EGOSCOOP.w.vanesch@fontys.nl / 06 28112052
Bronnen:
- Marcel van Herpen Expertisecentrum EGO Nederland mherpen@home.nl
- Natasja de Kroon Kindercentrum de Buitenkans Heerenveen info@kindercentrumdebuitenkans.nl
- Ileen Purperhart Kinderopvang Hestia Amsterdam ileen@hestiakinderopvang.nl
- Suzanne Huyg Gastouderbureau Zowiezo www.gastouderburozowiezo.nl
- Ellen de Haan, IJsselgroep Apeldoorn ellen.dehaan@ijsselgroep.nl
- www.ervaringsgerichtonderwijs.nl
















