De meeste leerkrachten die voor de klas staan zijn opgeleid in de overtuiging dat zij wel weten wat de kinderen moeten leren. De onderwijsmethode of het lesboekje geven de richting en bepalen de inhoud van de les. Op basis van ervaringsgegevens kun je dan dus bijvoorbeeld zeggen dat met schrijven en lezen in groep 3 wordt gestart, de tafels in groep 4 structureel worden aangeleerd en dat Nederland in groep 6 wordt aangeboden.
Het is eigenlijk het volgende level van adaptief onderwijs: niet de leerkracht bepaalt de zone van naaste ontwikkeling van iedere leerling en de inhoud van het te leveren maatwerk, maar de leerling geeft de leerbehoefte en de leerinhoud aan!
Wanneer onderzoek naar de leerbehoeften van de leerlingen een leerwens wordt van de leerkracht (in-opleiding) dan kan deze er een ontwikkelplan voor opzetten (POP in IPB-termen) en verbindt de leerkracht hier een onderzoeksvraag aan; m.a.w. hij of zij gaat op onderzoek naar de leerwensen van zijn leerlingen. Dit vraagt wel het e.e.a. van de leerkracht (in-opleiding):
En tot slot, vraagt een onderzoekende houding van de leerkracht dat deze niet bij voorbaat denkt dat hij of zij de interesses van de kinderen kent met zoveel jaar ervaring…
Het onderzoeken van de leerwensen van kinderen kan het beste of het makkelijkste met een mix van de volgende (onderzoeks)werkvormen:
Hierna staat een afgekaderde onderzoeksopdracht beschreven, die kan worden uitgevoerd binnen een afgeperkt onderzoeksterrein. Het gaat er dus niet om je hele onderwijs in een keer om te gooien, maar een succesbeleving te realiseren, die je voldoende nieuwsgierig maakt om een volgende stap te onderzoeken.
Doe aan verslaglegging, tussentijdse dataverzameling, -inventarisatie, reflectie en evaluatie!
Onderzoek naar de leerwensen van de kinderen
In de periode van bijvoorbeeld de komende 10 weken houden de kinderen in de klas hun leerwensen bij. Voor de leerwensen wordt de zelfstandigwerk-tijd, zoals die in het rooster is opgenomen, ingeruimd als de proeftuin om de opdracht uit te voeren en uit te proberen.
Het gaat erom te zoeken:
- Wat wordt het aanbod?
- Wat kiezen de kinderen zelf?
- Wat wordt de werkvorm?
- Wordt het onderdeel van de weektaak of anderszins ingevuld?
De consequenties van voorgaande voor de opdracht aan de leerkrachten wordt:
1. Creëer leermiddelen, tijd en ruimte om de keuzes van de kinderen mogelijk te maken
2. De kinderen uitdagen met open kansen.
3. De kinderen vertrouwen dat ze goede keuzes maken!
4. De kinderen de gelegenheid bieden hun wens te vervullen.
5. Verzamel goede voorbeelden in een portfolio!
Gebruik voor het bijhouden van de leerwensen de bijgevoegde invullijsten.
Probleem van aanbod?
Het is mogelijk dat leerkrachten denken in termen van aanbod en werkbladen.
Dat aanbod zoeken de kinderen zelf wel. Dat kan het makkelijkst via het internet op het wereldwijde web. Maar ook de bibliotheek, het documentatiecentrum of achtergrondliteratuur in de klas of thuis kan voorzien in het gewenste aanbod.
4-stappenplan:
Reflectie:
Streef ernaar de inhoud van je onderwijs leerling gericht in te vullen. De vraag wordt kun je dit voor iedere leerling waarmaken?
Eigenlijk moet je dit onderzoeken. Bijgevoegd zijn twee bijlagen voor de komende weken.
Als je dit als leerkracht doet en je laat de klas hierin meedoen, dan ben je bezig met je eigen praktijk te onderzoeken. In de SBL-competenties (Kempel-competenties) op www.lerarenweb.nl wordt dit actieonderzoek genoemd.
Doen! En reflecteer daarna op wat dit voor je onderwijs en je leerlingen betekent.
Zie bijlage 1 en 2 op de volgende pagina’s. Bijlagen:
1 – invullijst voor de leerkrachten.
2 – invullijst voor leerlingen.
Klik hier voor de bijlagen in PDF-formaat.
Voor vragen en opmerkingen mail met Richard Steinfort
















