leestijd:

Hoe maak je van een school waarin ieder op zijn eigen, vaak mooie, ‘eilandje’ zit, een goed georganiseerd ‘WIJland’? Een belangrijke vraag in het boek ‘Van eiland naar WIJland’, dat in boek en werkkaarten laat zien op welke wijze collegiaal leren een bijdrage kan leveren aan de professionalisering van leraren en leidinggevenden.

Tijd om te vergaderen…

Alle leraren verzamelen zich in de teamkamer om de komende 2 uur te gaan vergaderen. Er wordt overleg gevoerd over uiteenlopende zaken, maar men voelt ook de behoefte om ergens nog even praktisch aan de slag te gaan. Er ligt een lijst aan taken die nog besproken moet worden, de evaluatie van de introductieperiode, het indelen van de pleinwacht en ook de regels en afspraken ten aanzien van het komende scholingsaanbod staan op de planning. En verder…? Verder hebben we het gewoon heel druk, zit het hoofd vol met vragen over hoe de les morgen aan te pakken of het gesprek met de ouders aan te gaan en staat de tas met nakijkwerk alweer in de auto voor vanavond.

Op welke momenten komen leraren samen, op welke moment werken leraren samen en op welke momenten leren leraren samen? Wanneer is er tijd en aandacht voor elkaar om samen aan essentiële hulp-, leer- en ontwikkelvragen uit de directe praktijk te werken? Ongeacht de jaren ervaring die iemand heeft, ben je namelijk nooit klaar met leren en blijf je altijd vragen hebben over je vak. Vragen die te maken hebben met je manier van lesgeven, je contact met collega’s, ouders, leerlingen of vragen die gaan over de invoering van een nieuwe lesmethode.

Professioneel verlanglijstje van …
Ik wil:

  • ruimte om te leren
  • gevoed worden met inspiratie
  • dingen leren die ik morgen kan gebruiken

Aan de slag: ‘Van eiland naar WIJ-land, collegiaal leren in de praktijk!’

Hoe kunnen we elkaars professionele ontwikkeling stimuleren? En hoe bereiken we een ‘halen’ – ‘brengen’ systeem van kennis en vakmanschap binnen een school?

Het wij-gevoel en de wij-cultuur binnen een scholen dragen bij aan het kwaliteitsbewustzijn, waardoor het de opbrengsten en het werkplezier vergroot. We dragen naast een individuele verantwoordelijkheid, ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid ten aanzien van onze professionele ruimte. Deze dient ondersteund en gestimuleerd te worden door goed leiderschap, een van de belangrijkste pijlers van de professionalisering van leraren.

In ‘Van eiland naar WIJ-land’ wordt beschreven hoe je collegiaal leren kunt organiseren. Op welke wijze de ontwikkeling van leraren gestimuleerd kan worden en hoe er een professionele lerende cultuur kan ontstaan binnen de organisatie. De nadruk ligt op de persoonlijke ontwikkeling en de organisatieontwikkeling en is gebaseerd op het principe van leren van je soort- en lotgenoten. Door middel van een eenvoudig praktijkmodel kunnen leraren systematisch en gestructureerd de juiste vorm voor collegiaal leren inzetten. Daarmee professionaliseren zij zichzelf en versterkt men samen de kwaliteit van de organisatie.

HOE-kwaliteitshuis

We maken onderscheid in de zes vormen van collegiaal leren:

Voor de persoonlijke ontwikkelvraag kan men gebruik maken van:

  • Maatjesleren
  • Intervisie
  • Collegiale consultatie

Voor de organisatie ontwikkelvraag kan men gebruik maken van:

  • Kritische vriend
  • Leernetwerk
  • Collegiale visitatie

Om het juiste instapniveau en de juiste vorm van collegiaal leren te kiezen, ga je eerst na welke ontwikkelvraag centraal staat: jouw persoonlijke hulp-, leer- of ontwikkelvraag of de ontwikkelvraag van de organisatie.

Daarna bepaal je hoeveel ervaring je al hebt met collegiaal leren. Heb je weinig ervaring, dan begin je vooraan met een meer eenvoudige vorm van collegiaal leren: maatjesleren – kritische vriend. Vormen waarin je elkaar bevraagt om van daaruit te leren. Heb je binnen je organisatie echter al wat meer ervaring met collegiaal leren, dan zoek je de verdieping in een meer uitgebreide en onderzoeksmatige vorm: collegiale consultatie – collegiale visitatie. Bij deze vormen laat je meerdere personen naar jouw onderwijspraktijk kijken en laat je zien hoe je de zaken aanpakt in relatie tot de ontwikkelvraag. Dit zijn vormen van bewijzen die het leergesprek met meerder personen en organisaties op gang brengt.

Praktische aanpak

Praktijkmodel Collegiaal LerenUit eerdere ervaringen in pilots is gebleken dat de leraren het collegiaal leren als leerzaam, zinvol en plezierig ervaren. Zowel het geven van feedback als het ontvangen ervan vonden zij bijzonder waardevol. Tevens blijkt uit de pilots dat eenmalige uitvoering van een vorm van collegiaal leren nog geen garantie is voor structurele inbedding in het schoolbeleid.

Met het boek ‘Van eiland naar WIJ-land, collegiaal leren in de praktijk’ heb je een praktische uitwerking en aanpak in handen die het mogelijk maakt om het leren van en met elkaar structureel vorm te geven binnen de school. Vergader- en studiemomenten krijgen op deze manier meer inhoud en dragen bij aan de professionalisering van het onderwijsteam.

Tien tips

Tot slot geven we je nog tien tips mee om succesvol te starten met collegiaal leren.

  1. Verzorg vooraf een introductie, zodat iedereen op dezelfde manier naar collegiaal leren kijkt. Bespreek waarom je collegiaal leren belangrijk vindt, wat de verschillende vormen van collegiaal leren inhouden en bepaal samen wat je ermee wilt en wat je verwachtingen zijn.
  2. Het initiatief voor collegiaal leren ligt altijd bij een persoon (bottom-up) of bij de school (top-down). Het doel van de ontwikkeling bepaalt de focus van het leren.
  3. We hebben helder voor ogen wat we met collegiaal leren willen bereiken. Formuleer vooraf duidelijke doelen.
  4. Bij collegiaal leren wil je elkaar ‘waarderen’ en ‘beter’ maken, niet ‘beoordelen’ of ‘overtuigen van je eigen gelijk’.
  5. Er is sprake van wederzijds respect, vertrouwen en veiligheid.
  6. Deelname aan collegiaal leren is niet vrijblijvend. Van tevoren is duidelijk dat er veranderingen in je gedrag en in de organisatie plaats zullen vinden. Zorg voor draagvlak.
  7. Professionele nieuwsgierigheid en een zelfkritische houding zijn noodzakelijk voor collegiaal leren.
  8. De school heeft een zekere ‘professionele cultuur’ waarin veel vragen gesteld worden, men feedback kan geven en ontvangen, men bereid is om naar anderen te luisteren en van elkaar te leren. Leidinggevenden geven daarbij het voorbeeld.
  9. De school zorgt dat de randvoorwaarden in orde zijn: tijd, gelegenheid, scholing, ondersteuning enzovoort.
  10. Maak het niet te zwaar en te moeilijk. Kies als start voor eenvoudige vormen en blijf – ook als je meer ervaring hebt – gaan voor een zo compact mogelijke route. Dat houdt de vaart en de motivatie erin.
sluiten